Indianen Vroeger
Een Indiaan is edel en grootmoedig. Hij kent geen pijn. Indianen
kunnen wreed zijn. Indianen leiden een romantisch en vrij leven.
Indiaan is naast cowboy de liefste verkleed vorm van kleine jong-
ens. Is dit allemaal waar? De meesten van ons weten wat Indianen
zijn, maar weten heel weinig af van deze oerbewoners van Amerika.
Er bestaan heel wat verhalen over Indianen. In veel Wild West ver-
halen wordt de Indiaan afgeschilderd als een gevaarlijke wilde die
al vechtend en scalpen verzamelend zijn weg over de prairie vond.
Van deze voorstelling klopt niet zoveel. Bovendien spelen de mees-
te verhalen over de Indianen zich af in de tijd van dat zogenaamde
Wilde Westen. Die periode besloeg zo'n dertig a veertig jaar aan
het einde van de vorige eeuw.En het zal duidelijk zijn dat de ge-
sciedenis van de Indianen in Noord-Amerika al vele eeuwen
daarvoor begonnen is.
![]()
Wat er aan vooraf ging
Uit oude legenden van de Vikingen blijkt dat Columbus niet de
eerste Europeaan was die in Amerika belandde. Rond het jaar 1000
na Chr. maakten de Noor Leif Eriksson en zijn manschappen al ont-
dekkingsreizen naar de kust van Nova Scotia en Newfoundland. Ze
hebben er zelfs een tijdje gewoond, al zijn er weinig sporen van
hun verblijf achtergebleven. Columbus landde eigenlijk bij vergis-
sing in Amerika. Hij was op zoek naar een nieuwe handelsroute naar
India. En toen hij in 1492 aankwam op de Bahama's dacht hij dat
hij in India was. Daarom werden deze eilanden de West-Indische
eilanden genoemd, en noemde hij de bevolking Indianen. Anders dan
500 jaar tevoren drongen de Europeanen nu door tot in het hele
Amerikaanse werelddeel. Eigenlijk kun je niet zeggen dat Amerika
"ontdekt" werd. Toen Columbus in Amerika aankwam, woonden er al
miljoenen. mensen.
Het waren hun voorouders die Amerika duizenden jaren geleden ont-
dekt hadden. Veel van onze kennis over de oude Indianen is opge-
schreven door blanken. En deze blanken hadden niet altijd waar-
dering voor de Indiaanse cultuur. Ze beschouwden de Indianen als
"Wilden", die het kostbare land waar ze woonden niet op de juiste
manier gebruikten. Er bestaan honderden verschillenden Indianen-
volken, welke met een eigen cultuur en geschiedenis. De komst van
de Europeanen in de 15de eeuw betekende een grote verandering in
hun leven, en dit was zeker geen verandering ten goede.
![]()
Wounded Knee
Aan deze wereld kwam tot een onontkoombaar einde na de ontdekking
van goud in de Black Hills en de vestiging van blanke nederzettin-
gen in de prairie. Een veelbelovend weidegebied voor de rancher,
die op zijn beurt het veld moest ruimen voor de farmer. Amerika
was nog volop in zijn kwajongensjaren. Het optreden tegen de in-
heemse bevolking vormt de donkerste bladzijde in zijn geschiede-
nis. Boekdelen kunnen worden gevuld met de tragiek van een strijd
met de rug tegen de muur van een volk, dat letterlijk alles werd
ontnomen wat zijn leven leefbaar had gemaakt. De blanke die vocht
om te doden, de Indiaan, wiens ideaal het was om als roemrucht
krijger in de strijd te mogen vallen. "Als ik moedig geweest was
in de strijd, zou ik nu geen oude blinde nietsnut zijn" was tot
voor kort een veelgehoorde opmerking van de oudste generatie. Het
waren jaren van permanente vlucht voor rondstropende soldaten. In
een land dat het hunne, maar nu zwartgeblakerd en van bizonkudde
ontdaan was. Waarin de Indianen van honger en koude omkwamen, ter-
wijl zelfs de scalpen van hun vrouwen en kinderen harde dollars-
waard waren. Illustratief is een Amerikaanse spreekwoord uit die
dagen: "De enige goede Indiaan is een dode Indiaan." In trooste-
loze reservaten samengedreven moesten zij zich voeden met leugens
in plaats van met het beloofde voedsel, dat door de gewetenloze
bestuursambtenaren werd onderschept en verkocht. Elke inheemse
religieuze activiteiten was verboden. De kinderen werden in goed-
erenwagons naar verafgelegen kostscholen gedeponeerd. En in deze
bodemloze wanhoopssituatie kwamen blanken vertellen van een God,
die geen krijgsman was en een gelukkig hiernamaals in een blanke
hemel! Oneindig veel meer hoop verwekten de profetieën van Wovoka,
die Indiaanse profeet in de Nevada woestijn. Zijn boodschap ging
als de wind van kamp tot kamp in 1888. De doden zouden weer op-
staan en zij zouden het jachtwild mee terugbrengen.Vernieuwen zou
zich de aarde, waarop geen bleekgezicht meer aanwezig zouden zijn.
De Indianen moesten zich met de geestendans op deze gebeurtenissen
voorbereiden. Een maandenlange dansrage ontstond en de blanken za-
gen dit als een voorspel tot een massale opstand. Publieke opinie
beïnvloeding maakte toentertijd reeds van de pers gebruik. Die
fictieve verhalen verspreidde over moordpartijen door de Indianen
aangericht. Hier danste echter een wanhopig volk, uitgeteerd, ver-
zwakt, en in vodden gehuld. Verenigd in een massaal gebed om ver-
lossing. Regimenten werden om de reservaten samengetrokken.
Sitting Bull, de grote vrijheidstrijder van voorbije jaren, maar nu
een oude gebroken man, werd voor alle zekerheid gearresteerd. Tij-
dens het handgemeen met zijn zoons schoot men hem neer. De lont
ontbrandde in het kruitvat. De Indianen vluchten de bergen in en
dansten. Een groep van 98 Lakota's vergezeld van 200 vrouwen en
kinderen, werd door de militairen omsingeld, ontwapend en binnen
een kring van dood en verderf zaaiend veldgeschut vermoord. Deze
moord aanslag aan de Wounded Knee Creek december 1890, is de fi-
nale van een onverhulde vernietigings campagne.
Hier kun je 'n indrukwekkende filmpje over deze slachtpartij zien:
http://www.youtube.com/watch?v=dc7fZonjD1M
(Engelstalig!)
..
CHIEF SITTING BULL
Kolonisten
Langs de grote rivieren lagen de handelsposten van de bleekgezicht,
dat zich het leven veraangenaamde en tevens een trouwe klantenkring
verkreeg door het huwelijk met de dochter van een belangrijke Bizon
jager. Vrouwen en kinderen in verscheidene stammen had ook de rond-
zwervende blanke trapper, de nazaat van Danny Boone, die het soms
tot hoge posities bracht in de Indiaanse samenleving. Het waren ge-
woonlijk ruige doch betrouwbare lieden, die evenals de Bizonjagers
jaarlijks de harde eenzaamheid verwisselden voor een uitgelaten ren-
dez-vous in de maand juli. Enorme kapitalen aan bont werden dan in
whisky omgezet; daarna verspreiden zij zich weer tussen Mexico en
Canada, met hun lange voorlader en paard als enige en trouwe metge-
zellen. Ook hun wereld stortte ineen,toen de emigrantentrek naar
het westen zoveel uitschot en soldaten op de prairie bracht. Hun
namen werden echter legendarisch. De belangrijke bonthandel maat-
schappij was de Huron's Bay Company, de oudste ter wereld, die ook
nu nog haar handelsposten verspreid door Canada heeft liggen. In
de loop der jaren verkreeg zij het volle vertrouwen bij de India-
nen op de noordelijke prairie, hetgeen niet altijd van de particu-
liere handelaars gezegd kon worden. Één van haar meest bekende han-
delsgoederen is de gestreepte deken, waar de Indianen graag jassen
van maakten. Jassen geheel naar Europees voorbeeld, maar van inheem-
se materiaal, werden bijzonder populair. Stenen pijl en knotpunten
verdwenen en maakten plaats voor metaal. Metalen ketels vergemakke-
lijken het koken, dat voorheen gebeurde door withete stenen in met
water gevulde leren zakken te werpen. Garen verving het sterkere,
maar korte peesdraad. Op het artistieke vlak nam kralenwerk de fun-
ctie over van het meer tijdrovende borduurwerk met gekleurde stekel-
varkenpennen. De adelaar in het de vertrouwde dondervogel en dus
kennelijk de macht der blanken verlenend, werd een veel gebezigd or-
nament. De handelaar creëerde behoeften, die hem tot een onmisbare
factor maakten in de Indiaanse samenleving. Kolonisten trokken naar
het westen en zij volgden het spoor van duizenden die in de vorige
eeuw aan de grote trek begonnen. Maar lang niet altijd hun doel
bereikten........
Wie waren ooit de Indianen:
Oorlog was vrijwel de enige erkende bron van prestige onder
de Indiaanse bevolking. Elke stam vocht voortdurend voor
haar plaats onder de prairie zon. Oorspronkelijk was reeds
in hun legendarische, meer oostwaarts gelegen woonplaatsen
belangrijk, maar de deels gedwongen samenkomst op de prai-
rie van zich te paard snel bewegende nomaden verhoogde de
strijdfrequentie.Iedere stam had vriendschappelijke contac-
ten met sommige buren en onophoudelijke strijd met de ande-
ren. Verering en respect, gematerialiseerd in paardenbezit,
vielen de man ten deel die zich als een moedig krijger ge-
droeg. De spelregels in deze chronische oorlogssituatie wa-
ren echter veel verder uitgewerkt dan voor de overwinning
nodig was. Vertoon van moed werd een doel op zichzelf. Het
verlangen naar prestige veroorzaakte een groot aantal nauw-
keurig omschreven mogelijkheden om een punt te scoren. Het-
geen getoond werd door het aantal en de wijze waarop men
gerechtigd was tot het dragen van arendsveren. Oorlog was
een groot spel, waarin het doden van vijanden niet het be-
langrijkste was.
Het aantal doden in legendarische veldslagen is voor onze
begrippen dan ook belachelijk klein. Naast zijn wapens
droeg een man een coup stok met zich mee ten strijde. Een
stok waarmee men een vijand openlijk naderde, hem een tik
gaf, om zich daarna snel in veiligheid te brengen. Het feit
dat men daartoe enige tijd aan de kogels en pijlen van de
vijand blootstond, werd als het belangrijkste wapenfeit be-
schouwd. Naast het prestige op het krijgspad veroverd, kon
men op de maatschappelijke ladder opklimmen als een beroemd
paardenrover. Het eervolle element bestond hieruit, dat men
zonder paarden wegging's nachts het bewaakte vijandelijke
kamp insloop, de paarden lossneed en het de massa op hol
deed slaan, om daarna met een grote kudde paarden thuis te
komen en deze met gulle hand weg te schenken. Ondanks der-
gelijke levensgevaarlijke activiteiten waren ook de bizon-
jagers geen supermensen. Zij wisten dat er elke dag een
aanval kon komen, geen enkele avond wisten zij of zij de
zon de volgende dag nog zouden zien opkomen. Voor hen be-
stond de door ons zo gewaardeerde veilige zekerheid niet.
Zij kenden angst des te beter, hoewel het hun niet was toe-
gestaan zo iets ooit te tonen. Met deze constatering be-
hoeft stellig geen voedsel te worden gegeven aan de door-
zichtige gebruikte verhalen over in angst ronddolende hei-
denen. Ook onze cultuur heeft haar lekpunten waardoor angst
en onzekerheid ook voor ons geen onbekenden zijn. Als tegen-
pool liggen deze zwakke plekken in elke cultuur ergens an-
ders. Onderdrukte angst vond bij hen een uitweg in zelfmar-
teling tijdens de zonnedans en het visioenzoekend. In de
offering van strippen armvlees voordat men ten strijde trok.
Toch is dat de goede oude tijd voor de oudste generatie van
heden. Die zich arm omdat zij niet als mannen de dood in de
strijd mochten vinden. Het bleekgezicht, dat zo'n belang-
rijke rol heeft gespeeld in het ontstaan van deze cultuur-
wereld heeft hier ook een eind aan gemaakt. Althans wat
het krijgsspel betreft.
De schokkende waarheid over de
Indiaanse Kostscholen in Canada!
De kostscholen vormen wellicht de zwartste bladzijden van de
Indiaanse bevolkings groepen.
De Canadese regering bood in 1996 haar excuses aan voor het
beleid van gedwongen assimilatie via kinderen dat tot ver in de
jaren zeventig doorging. Met die excuses kwamen het debat en de
waarheidsvinding pas goed op gang. Met verbijsterende uitkomsten.
De kostscholen vinden hun oorsprong in het begin van de negen-
tiende eeuw. Dan houdt de handel tussen Europeanen en Indianen
op en begint de (Britse) kolonisatie. De scholen komen tot volle
bloei tussen 1880 en 1969; in 1894 worden ze verplicht voor alle
Indiaanse kinderen. De scholen zijn ware helse oorden. Al snel
na de instelling van de verplichte schoolgang geeft de Canadese
regering het beheer en de organisatie van de kostscholen in han-
den van de kerken. Niemand anders wil het doen voor het bedrag
dat de overheid uittrekt. Het gevolg is dat de scholen geen geld
hebben om de kinderen behoorlijk te voeden of te kleden. Veel
Indianen leiden tot aan de tweede Wereldoorlog nog een nomadisch
bestaan,en de scholen dienen dan ook om de kinderen tot boeren
en landarbeiders op te leiden. De leerlingen verbouwen hun eigen
voedsel en van hun zesde tot hun zestiende doen ze het werk van
volwassenen. De kostscholen zijn vanaf de eerste dag berucht.
Ouders verstoppen hun kinderen als aan het begin van het school-
jaar de vrachtwagens het reservaat binnenrijden om iedereen onder
de zeventien eenvoudig in te laden en meestal honderden kilome-
ters verderop naar een kostschool te brengen. Kinderen lopen
weg en overlijden niet zelden aan hun vlucht of aan de straf
die ze ondergaan als ze worden teruggebracht.
De Canadese regering bood in 1996 haar excuses aan voor het be-
leid van Indianen hebben in de Canadese samenleving geen stem
om de schandelijke toestanden aan de orde te stellen, en zonder
veel tegenstand kunnen de kostscholen generaties Indianen het
leven enorm zuur maken. Op de scholen krijgen de kinderen een
andere, Engelse naam.Contact met broertjes en zusjes is verbo-
den en wordt streng bestraft, net als het spreken van een India-
nentaal. Bezoek van ouders wordt ontmoedigd of verboden, of
anderszins niet op prijs gesteld. Voor de kostscholen represen-
teren de ouders het achterlijke en verkeerde systeem waaruit de
kinderen, desnoods met geweld, moeten worden losgerukt. Mis-
handelingen is standaard als strafmiddel, of als leermiddel.
Kinderen worden invalide, kreupel of dood geslagen zonder dat
er een haan naar kraait. In de strenge winters vriezen bij kind-
eren ledenmaten af door gebrek aan kleding en dekens, maar
geen inspectierapport dat daarover rept. Ook seksueel geweld
door leerkrachten is eerder regel dan uitzondering. Vandaag de
dag zijn de gevolgen van de kostscholen voor de Indiaanse ge-
meenschappen nog steeds desastreus. Generaties lang zijn de
kinderen op een leeftijd van vier of vijf weggehaald. Vaak
kwamen ze pas terug op hun zestiende, vervreemd van hun fa-
milie en van hun stam, de taal niet meer machtig, getrauma-
tiseerd door de kostschool, en zonder identiteit door de ri-
gide assimilatiepolitiek. Doordat ze niet zijn opgegroeid in
een gezin en niet zijn opgevoed door ouders, kunnen ze zelf
niet in een gezinsverband functioneren. Het gevolg is geweld
en seksueel geweld, en even later ook verslaving, worden van
generatie op generatie doorgegeven. Daders en slachtoffers
zijn niet meer uit elkaar te houden; dat onderscheid heeft
alle betekenis verloren. De Canadese samenleving, heeft ge-
zorgd voor een diepgewortelde angst voor en een onuitroeibaar
wantrouwen tegen diezelfde samenleving. Teruggaan naar oude
waarden en normen en naar een eigen cultuur is misschien zin-
nig, maar het geeft mensen nog geen vaardigheden om zich in
deze tijd staande te houden. Jonge Indianen raken vaak klem
tussen de wens om uit te breken uit de uitzichtloze reserva-
ten en de onmogelijkheid om in de stad een leven op te bouw-
en. Vaak snuiven ze lijm tot diep in de nacht. De kostscholen
beseften niet wat zij hebben aangericht aan de Indiaanse ge-
neraties van toen en nu.
Genezen en vergeven
(Uit: De Groene Amsterdammer van 8-9-99 door Joke van Kampen)
De Canadese Indianen worden sinds het begin van de negentiende
eeuw systematisch onderdrukt door middel van de 'kostscholen'.
Nog steeds lijden ze eronder. Drugs en alcohol lijken een goede
toekomst in de weg te staan.
Het had evengoed het stadsdeelkantoor in Amersfoort Zuid kun-
nen zijn. We waren al gewaarschuwd. Toen we in Ottawa op het
kantoor van de Affiliation of First Nations, een samenwerkingsver-
band van alle Indianen reservaten en stammen, hadden verteld dat
we het reservaat Kanawake gingen bezoeken, zei een medewerkster:
'De eerste keer dat ik daar kwam, wist ik niet wat ik zag. Ze hebben
er asfaltwegen, elektriciteit, gas en telefoon. Kanawake moet het
mooiste reservaat zijn dat er is.' Het ligt dan ook onder de rook van
van Montreal, en het is bereikbaar, zoals de bewoners ons meer-
malen verzekeren, voor journalisten en politici. Kanawake telt
achtduizend inwoners. Behalve de voor reservaten zeer goede
voorzieningen heeft het dezelfde kenmerken als de woonplaats-
en van de rest van de bijna 500.000 Indianen in Canada.
Het is een gevaarlijke plek om te wonen. Een bocht in de rivier
maakt de scheepvaart riskant; Kanawake ligt onder een aanvlieg-
route van het vliegveld van Montreal en de grond is vervuild. De
enige inwoners van Kanawake die werk hebben, werken in of van-
uit het gebouw dat alle gemeentelijke diensten verzorgt: het be-
volkingsregister, stadsreiniging, onderhoud en een uitgebreide
sociale dienst. Uit piëteit worden de statistieken niet specifiek
voor Indianen of reservaten bijgehouden, maar iedereen weet
dat hier in Kanawake en elders in de reservaten alcohol en drugs
misbruik, geweld en armoede al generaties lang epidemische
vormen hebben aangenomen. De Indianen organisaties zelf
houden wél andere statistieken bij. Zo is de moedersterfte in
de reservaten even hoog als onder Indianen stammen in Guate-
mala. Moedersterfte, het aantal vrouwen dat zwangerschap of
bevalling niet overleeft, is een goede graadmeter voor armoede
en deprivatie. Het is medisch eenvoudig te voorkomen en in
de rest van Canada komt het dan ook vrijwel niet voor, net zo-
min als elders in de westerse wereld. Wat deze cijfers dus zeg-
gen is dat in het land dat steeds weer bij de eerste drie eindigt
op de ranglijst van welvarende landen, de sterfte onder moe-
ders even hoog is als onder een gedepriveerde groep mensen in
een der armste landen ter wereld. Ook de cijfers over tiener-
zwangerschappen in de reservaten komen dichter in de buurt
van de tien armste landen ter wereld dan van de rijkste drie.
We praten bij de sociale dienst, die wordt geleid door Conny
Mclosh, over de programma's die worden ingezet om deze
buurt een beetje op te krikken. Hun eerste zorg is opvang
van en hulp aan verslaafden. Dat is niet eenvoudig als het
gaat om mensen zonder opleiding, die opgroeiden in een ge-
zin met verslaafde ouders, in een omgeving waar velen ver-
slaafd waren en waar ze nog steeds worden omringd door an-
dere verslaafden. Mclosh en haar team bevestigen de nood-
zaak van Indiaanse programma's voor Indianen. De reservaat-
bewoners vertonen een grote resistentie tegen de Canadese
maatschappij in het algemeen en de Canadese hulpverlening
in het bijzonder. Mclosh: 'Wij proberen terug te gaan naar
onze eigen cultuur, rituelen en normen. Dat is essentieel
om mensen het gevoel van eigenwaarde terug te geven dat
een voorwaarde is voor een ander leven.' Het hele kantoor
zit dan ook op Mohawk-les om mensen die dat willen in hun
eigen taal te woord te kunnen staan. Mclosh verwoordt
een tendens die in heel Canada aan invloed wint: de first
nation-volkeren, zoals de indianen officieel heten, kunnen
alleen overleven als ze in staat zijn terug te keren naar
hun eigen cultuur, geschiedenis en identiteit. De beweging
is een antwoord op de 'kostscholen', die een zwarte blad-
zijde vormen in de geschiedenis van de omgang van de Cana-
dezen met de oorspronkelijke bewoners van het continent.
De Canadese regering bood in 1996 haar excuses aan voor
het beleid van gedwongen assimilatie via kinderen dat tot
ver in de jaren zeventig doorging. Met die excuses kwamen
het debat en de waarheidsvinding pas goed op gang. Met ver-
bijsterende uitkomsten.
De kostscholen vinden hun oorsprong in het begin van de ne-
gentiende eeuw. Dan houdt de handel tussen Europeanen en
op en begint de (Britse) kolonisatie. De scholen komen tot vol-
le bloei tussen 1880 en 1969; in 1894 worden ze verplicht voor
alle indiaanse kinderen. De scholen zijn helse oorden. Al snel
na de instelling van de verplichte schoolgang geeft de Canade-
se regering het beheer en de organisatie van de kostscholen in
handen van de kerken. Niemand anders wil het doen voor het
bedrag dat de overheid uittrekt. Het gevolg is dat de scholen
geen geld hebben om de kinderen behoorlijk te voeden of te
kleden. Veel Indianen leiden tot aan de Tweede Wereldoorlog
nog een nomadisch bestaan, en de scholen dienen dan ook om
de kinderen tot boeren en landarbeiders op te leiden. De leer-
lingen verbouwen hun eigen voedsel en van hun zesde tot hun
zestiende doen ze het werk van volwassenen. De kostscholen zijn
vanaf de eerste dag berucht. Ouders verstoppen hun kinderen als
aan het begin van het schooljaar de vrachtwagens het reservaat
binnenrijden om iedereen onder de zeventien eenvoudig in te
laden en meestal honderden kilometers verderop naar een kost-
school te brengen. Kinderen lopen weg en overlijden niet zelden
aan hunvlucht of aan de straf die ze ondergaan als ze worden
terug gebracht.
Indianen hebben in de Canadese samenleving geen stem om
de schandelijke toestanden aan de orde te stellen, en zonder
veel tegenstand kunnen de kostscholen generaties Indianen
het leven zuur maken. Op de scholen krijgen de kinderen
een andere, Engelse naam. Contact met broertjes en zusjes
is verboden en wordt streng bestraft, net als het spreken
van een Indianentaal. Bezoek van ouders wordt ontmoedigd
of verboden, of anderszins niet op prijs gesteld. Voor de
kostscholen representeren de ouders het achterlijke en
verkeerde systeem waaruit de kinderen, desnoods met ge-
weld, moeten worden losgerukt. Mishandeling is standaard
als strafmiddel, of als leermiddel. Kinderen worden inva-
lide, kreupel of dood geslagen zonder dat er een haan
naar kraait. In de strenge winters vriezen bij de kinder-
en ledematen af door gebrek aan kleding en dekens, maar
geen inspectierapport dat daarover rept. Ook seksueel ge-
weld door leerkrachten is eerder regel dan uitzondering.
Een koninklijke commissie, ingesteld naar aanleiding
van de discussie die volgde op de excuses van de re-
gering, houdt al jarenlang hoorzittingen, waarbij nog
steeds nieuwe feiten boven tafel komen. Enkele getui-
genissen hebben geleid tot rechtszaken waarin de ker-
ken werden veroordeeld tot hoge schadevergoedingen en
de daders gevangenisstraffen kregen. Vandaag de dag
zijn de gevolgen van de kostscholen voor de Indiaanse
gemeenschappen nog steeds desastreus. Generaties lang
zijn de kinderen op een leeftijd van vier of vijf weg-
gehaald. Vaak kwamen ze pas terug op hun zestiende, ver-
vreemd van hun familie en van hun stam, de taal niet
meer machtig, getraumatiseerd door de kostschool, en
zonder identiteit door de rigide assimilatiepolitiek.
Doordat ze niet zijn opgegroeid in een gezin en niet
zijn opgevoed door ouders, kunnen ze zelf niet in een
gezinsverband functioneren. Opgroeien in een disfunc-
tioneel gezin is geen ideale uitvalsbasis; opgroeien
in een gemeenschap van uitsluitend disfunctionele ge-
zinnen betekent sociaal gesproken met z'n allen als
ratten in de val zitten. Geweld en seksueel geweld,
en even later ook verslaving, worden van generatie
op generatie doorgegeven. Daders en slachtoffers zijn
niet meer uit elkaar te houden; dat onderscheid heeft
alle betekenis verloren. Healing, helen, is het nieu-
we Indiaanse werkwoord op dit gebied, als een combi-
natie van genezen en vergeven. Veel zang en dans komt
daarbij kijken, en veel, heel veel praten. Conny
Mclosh: 'We nodigen hier ook veel traditionele helers
uit die kunnen vertellen over tradities in een ander
rechtssysteem. Daarbij ligt de nadruk veel meer op
herintegratie van daders in de gemeenschap en genoeg-
doening van het slachtoffer dan op het verwijderen van
daders.'Dat ligt voor de hand, want de meeste reserva-
ten bevinden zich ver van de bewoonde wereld; mensen
kunnen er nauwelijks weg. Dat betekent een volgend di-
lemma: de reservaten hebben geen economie, geen moge-
lijkheden, geen toekomst. Waarom zouden mensen daar
eigenlijk blijven? Omdat ze ook in de Canadese samen-
leving hun plek niet vinden, en worden geconfronteerd
met stigmatisering en discriminatie. Maar het feit dat
de kostscholen voor generaties Indianen de eerste, ver-
pletterende, kennismaking waren met de moderne Canadese
samenleving, heeft gezorgd voor een diepgewortelde angst
voor en een onuitroeibaar wantrouwen tegen diezelfde sa-
menleving. Teruggaan naar oude waarden en normen en naar
een eigen cultuur is misschien zinnig, maar het geeft
mensen nog geen vaardigheden om zich in deze tijd staan-
de te houden. Jonge indianen raken vaak klem tussen de
wens om uit te breken uit de uitzichtloze reservaten en
de onmogelijkheid om in de stad een leven op te bouwen.
![]()

Copyright Toine de Jongh.