Voorwoord:

Vereniging Real Indian Nation is een steungroep die samen werk met verschillende
Indiaanse stichtingen en organisaties.

Omdat wij geloven dat samenwerking de beste methode is om Indianen te helpen
en te steunen die in erbarmelijke omstandigheden moeten leven in Reservaten.

Vereniging Real Indian Nation vind, dat nog erg veel Indianen aan hun lot worden overgelaten.
Daar moet iets aan gedaan worden.

Veel Indiaanse kinderen gaan vaak zonder eten naar bed omdat er gewoonweg geen geld
is voor voedsel.
De werkloosheid onder de Indiaanse bevolking is enorm.
De zelfmoord onder Indiaanse jongeren is schrikbarend.
Drank, Drugs, en Criminaliteit hebben in veel Reservaten de overhand in een
uitzichtloze toekomst.
Het stelen van een simpele fiets kost bij de Indiaanse bevolking zo'n 25 jaar gevangenisstraf.
Waar ze vaak nog erger uitkomen dan dat zij er in gingen.

Veel stichtingen en organisaties schieten vaak te kort door gebrek aan donaties.
dat moet veranderen.

Indianen vroeger.

Een Indiaan is edel en grootmoedig.
Hij kent geen pijn.
Indianen kunnen wreed zijn.
Indianen leiden een romantisch en vrij leven.
De Indiaan is naast de Cowboy de liefste verkleedvorm van kleine Jongens.
Is dit allemaal waar?
De meeste van ons weten wat Indianen zijn, maar weten heel weinig af van de oerbewoners van Amerika.
Er bestaan heel wat verhalen over Indianen.
In veel Wildwest verhalen wordt de Indiaan afgeschilderd als een gevaarlijke
wilde die al vechtend en scalpen verzamelend zijn weg over de prairie vond.
Van deze voorstelling klopt niet zoveel.
Bovendien spelen de meeste verhalen over Indianen zich af in de tijd van dat zogenaamde Wilde Westen.
Die periode besloeg zo’n dertig a veertig jaar aan het eind van de vorige eeuw.
En het zal duidelijk zijn dat de geschiedenis van de Indianen in Noord-Amerika al vele eeuwen daarvoor begonnen is.

Wat Ging er aan vooraf.
Een beknopt overzicht.

Cristoffel Columbus
Christoffel Columbus.

Uit oude legende van de Vikingen blijkt dat Columbus niet de eerste Europeaan was die in Amerika belande.
Rond het jaar 1000 na Chr. Maakte de Noor Leif Erikson en zijn manschappen
al ontdekkingsreizen naar de kust van Nova Scotia en Newfoundland.
Ze hebben er zelfs een tijdje gewoond, al zijn er weinig sporen van hun verblijf achtergebleven.
Columbus lande eigenlijk bij vergissing in Amerika.
Hij was op zoek naar een nieuwe handelsroute naar India.
En toen hij in 1492 aankwam op de Bahamas dacht hij in India was.
Daarom werden deze eilanden de West-Indische eilanden genoemd, en noemde hij de bevolking Indianen.
Anders dan 500 jaar tevoren drongen de Europeanen nu door tot in het hele Amerikaanse werelddeel.
Eigelijk kun je niet zeggen dat Amerika “ontdekt”werd.
Toen Columbus in Amerika aankwam, woonden er al miljoenen mensen.
Het waren hun voorouders die Amerika duizenden jaren geleden ontdekt hadden.
Veel van onze kennis over de oude Indianen is opgeschreven door blanken.
En deze blanken hadden niet altijd waardering voor de Indiaanse cultuur.
Ze beschouwden de Indianen als “Wilden”, die het kostbare land
waar ze woonden niet op de juiste manier gebruikten.
Er bestaan honderden verschillende Indianenvolken, welke met een eigen cultuur en geschiedenis.
De komst van de Europeanen in de 15de eeuw betekende een grote
verandering in hun leven, en het was zeker geen verandering ten goede.

Kolonisten.

Langst de grote rivieren lagen de handelsposten van de Bleekgezicht, dat
zich het leven veraangenaamde en tevens een trouwe klantenkring
verkreeg door het huwelijk met de dochter van een belangrijke Bizonjager.
Vrouwen en kinderen in verscheidene stammen had ook de rondzwervende
blanke trapper, de nazaat van Danny Boone, die het
soms tot hoge posities bracht in de Indiaanse samenleving.
Het waren gewoonlijk ruige doch betrouwbare lieden, die evenals de
Bizonjagers jaarlijks de harde eenzaamheid verwisselde
voor een uitgelaten rendez-vous in de maand juli.
Enorme kapitalen aan bont werden dan in whisky omgezet: daarna
verspreiden zij zich weer tussen Mexico en Canada, met hun
lange voorlader en paard als enige en trouwe metgezellen.
Ook hun wereld stortte ineen, toen de emigratietrek naar
het westen zoveel uitschot en soldaten op de prairie bracht.
Hun namen werden echter legendarisch.
De belangrijkste houthandel maatschappij was de Huron’s Bay Company, de oudste
ter wereld, die ook nu nog haar handelsposten verspreid door Canada heeft liggen.
In de loop der jaren verkreeg zij het volle vertrouwen bij de Indianen
op de Noordelijke prairie, hetgeen niet altijd van de particuliere handelaars gezegd kon worden.
Eén van haar meest bekende handelsgoederen
is de gestreepte deken, waar de Indianen graag jassen van maakten.
Jassen geheel naar Europese voorbeeld, maar van
inheemse materiaal, werden bijzonder populair.
Stenen pijl en knotpunten verdwenen en maakte plaats voor metaal.
Metalen ketels vergemakkelijken het koken, dat voorheen
gebeurde door withete stenen in met water gevulde leren zakken te werpen.
Garen verving het sterkere, maar korte peesdraad.
Op het artistieke vlak nam kralenwerk de functie over van
het meer tijdrovende borduurwerk met gekleurde stekelvarkenpennen.
De adelaar in het de vertrouwde dondervogel en dus kennelijk
de macht der blanken verlenend, werd een veel gebezigd ornament.
De handelaar creëerde behoeften, die hem tot
een onmisbare factor maakten in de Indiaanse samenleving.
Kolonisten trokken naar het westen en zij volgden het spoor van
duizenden die in de vorige eeuw aan de grote trek begonnen.
Maar lang niet altijd hun doel bereikten……..

Wie waren ooit de Indianen.

Oorlog was vrijwel de enige erkende bron van prestige onder de Indiaanse bevolking.
Elke stam vocht voortdurend voor haar plaats onder de prairie zon.
Oorspronkelijk was reeds in hun legendarische, meer oostwaarts gelegen
woonplaatsen belangrijk, maar de deels gedwongen samenkomst op de
prairie van zich te paard snel bewegende nomaden verhoogde de strijdfrequentie.
Iedere stam had vriendschappelijke contacten met sommige
buren en onophoudelijke strijd met de anderen.
Verering en respect, gematerialiseerd in paardenbezit, vielen
de man ten deel die zich als een moedig krijger gedroeg.
De spelregels in deze chronische oorlogssituatie waren
echter veel verder uitgewerkt dan voor de overwinning nodig was.
Vertoon van moed werd een doel op zichzelf.
Het verlangen naar prestige veroorzaakte een groot aantal
nauwkeurig omschreven mogelijkheden om een punt te scoren.
Hetgeen getoond werd door het aantal en de wijze waarop
men gerechtigd was tot het dragen van arendsveren.
Oorlog was een groot spel, waarin het doden van vijanden niet het belangrijkste was.
Het aantal doden in legendarische veldslagen is voor onze begrippen dan ook belachelijk klein.
Naast zijn wapens droeg een man een coupstok met zich mee ten strijde.
Een stok waarmee men een vijand openlijk naderde, hem een tik gaf, om zich daarna in veiligheid te brengen.
Het feit dat men daartoe enige tijd aan de kogels en pijlen
van de vijand blootstond, werd als het belangrijkste wapenfeit beschouwd.
Naast het prestige op het krijgspad veroverd, kon men op de
maarschappelijke ladder opklimmen als een beroemd paardenrover.
Het eervolle element bestond hieruit, dat men zonder paarden wegging
‘s nachts, het bewaakte vijandelijke kamp insloop, de paarden lossneed en
het de massa op hol deed slaan, om daarna met een grote kudde
paarden thuis te komen en deze met gulle hand weg te schenken.
Ondanks dergelijke levensgevaarlijke activiteiten waren ook de bizonjagers geen supermensen.
Zij wisten dat er elke dag een aanval kon komen, geen enkele
avond wisten zij of zij de volgende dag nog de zon zouden zien opkomen.
Voor hen bestond de door ons zo gewaardeerde veilige zekerheid niet.
Zij kenden angst des te beter, hoewel het hun niet was toegestaan zo iets ooit te tonen.
Met deze constatering behoeft stellig geen voedsel te worden
gegeven aan de doorzichtige gebruikte verhalen over in angst ronddolende heidenen.
Ook onze cultuur heeft haar lekpunten waar door angsten onzekerheid ook voor ons geen onbekenden zijn.
Als tegenpool liggen deze zwakke plekken in elke cultuur ergens anders.
Onderdrukte angst vond bij hen een uitweg in zelfmarteling tijdens de zonnedans en het visioenzoekend.
In de offering van strippen armvlees voordat men ten strijde trok.
Toch is dat de goede oude tijd voor de oudste generatie van heden.
Die zich arm omdat zij niet als mannen de dood in de strijd mochten vinden.
Het bleekgezicht, dat zo’n belangrijke rol heeft gespeeld in het
ontstaan van deze cultuurwereld heeft hier ook een eind aan gemaakt.
Althans wat het krijgsspel betreft.

Indianen als soldaat.  
O.a. bevrijding van Europa, waaronder ook Nederland.
Door Pauline Otten.
23-12-2007.

Dit artikel is met toestemming geplaatst voor RIN, van het Arnhems Oorlogsmuseum 40-45.

http://www.arnhemsoorlogsmuseum.com/index.php?option=com_content&task=view&id=24&Itemid=50

De indiaanse geschiedenis is wereldwijd wel bekend geworden. Toch zijn er een aantal zaken onderbelicht.
Als militair hebben indianen een heel belangrijke rol gespeeld.

Om te beginnen, in de Eerste Wereldoorlog 1914-1918, dienden er zo'n 12.000 indianen zich als vrijwilliger aan bij het Amerikaanse leger.
Ze hadden toen nog niet eens de Amerikaanse nationaliteit.
Die werd pas verkregen in 1924.
Er waren maar kleine groepjes getraind om hun eigen taal als code te gebruiken.

Veertien Choctows, afkomstig uit het Missisipi gebied, behoorden tot de 36 ste divisie van de Geallieerden.
Het was nog totaal onbekend bij de legerleiding.
Toch boekten de Amerikanen succes bij Loupe-Le-Petit, in het Franse Maas-Argonne gebied.
Deze Indiaanse berichten betroffen zo'n 26 verschillende dialecten, waarvan er maar 5 daadwerkelijk op schrift stonden.

In eigen land hadden de indianen al ervaringen in de Amerikaanse Burger-oorlog, (1861-1865).
Zij streden aan de kant van de Noordelijke legers, maar weer anderen sloten zich aan bij de Zuidelijken.
Niet te vergeten is ook de Spaans-Mexicaanse oorlog, (1898), waarin zij streden.

Vooral de Dine, (Spaanse naam; Navajo), voelden zich bedreigd en beet- genomen door de Amerikaanse overheid.
Onder andere werden er verdragen eenzijdig geschonden.

Heilige mensen uit het Zuiden, hadden veel gebieden toegewezen aan de indianen.
De verdediging van de Dine, (= mens), werd door het leger beschouwd alszijnde ‘agressie'.
Onder begeleiding van Amerikanen, werden ze naar andere gebieden verbannen.
Het leger trad hard op en meedogenloos tegen achterblijvers of diegene die zich waagde te verzetten.

Na ruim 4 jaar in ballingschap werden er indianen benaderd door 2 vooraanstaande Mexicanen.
Deze boden hen aan om met een nieuw verdrag (1868) er voor te zorgen dat de indianen weer terug konden keren
naar hun eigen gebieden.

Maar waarom dan hun (belangrijke) bijdrage aan het Amerikaanse leger?

Het is in hun cultuur belangrijk, dat jongens en jonge mannen deelnemen aan strijd, om zo aanzien te verkrijgen in hun gemeenschap.
Om te overleven, moeten ze toch deelnemen aan diverse zaken in het Amerikaanse leven.
Ook het ontvangen van nieuwe ‘spirits' is belangrijk.

Wanneer de jonge mannen weg zijn voor de strijd, komen de vrouwen bijelkaar.
Onder hun gezamenlijke werkzaamheden zingen ze dan spirituele liederen.
Voordat ze een lied op willen dragen aan 1 van de jonge “warriors” moeten ze eerst aan de ‘spirits' toestemming vragen.
Zo'n groep vrouwen heet “War Mothers Society”.

De steun in deze songs geeft aan; Er is een ‘andere' kant, huil niet, mijn spirit (=geest), is bij jullie.
Als de soldaat deze spirit voelt, moet hij opstaan om de eer van deze in ontvangst te nemen.
Dit ritueel gaat ook vaak gepaard met veel dansen.
Dat de indianen bij terugkeer door de Amerikaanse overheid gewoonweg vergeten waren gebeurde wel vaker.

Een telefoonteam van Choctaws zouden bij thuiskomst hun medailles ontvangen, maar deze zijn nooit aangekomen.
Pas in 1986 reikte de toemalige Chief Hollis Roberts, postuum deze medailles alsnog uit aan de nabestaanden in Massachus.

In 1941 waren er al weer indianen bezig met traingen.
Ongeveer 15 Commanches uit Oklahoma waren al in dienst voor talen communicaties.

Op 7 december 1941, raakte Amerika door de Japanse aanval op Pearl Harbor, betrokken bij de Tweede Wereldoorlog. Vooraanstaande legerleiders, commandant Thomas Holcomb, en Generaal-majoor Clayton B Vogel, zochten naar nieuwe methodes en gevechtstechnieken.

 

Ze kwamen in contact met fotograaf / technicus Philip Johnson.
Als zoon van een missionaris, was hij opgegroeid in het Navajogebied, en wist dus veel van de taal en leefcultuur van de indianen.
In de Eerste Wereldoorlog had hij ook al ervaringen opgedaan bij de genietroepen.
Hij was een belangrijk contactpersoon tussen het leger en de indianen.
Het corps Mariniers, onder leiding van Majoor James E Jones, hadden veel interesse gekregen in de tactieken van de indianen. 

Op 10 februari 1942 kon Philip Jonhson dan ook aan de slag om indiaanse jongens te rekruteren voor het Amerikaanse leger. Ondanks dat velen in 1924 een staatsburgerschap hadden, kampten toch vele met het probleem, dat ze niet dezelfde rechten hadden.
Mede daarom waren de 1 e pogingen geen succes.
De BIA (Bureau Indian Affairs), had geen berichtgevingen verzonden.
De voorzitter van het Tribal gerechtshof, Chee Dodge, gaf toe-stemming om via de korte golf radio berichtgevingen te verzenden.
Langzaam aan melden zich de 1 e groep jongens aan, waarvan vele hooguit maar 16 jaar waren.

De traingen met ongeveer 200 jongens startte in Fort Defiance, New Mexico.
Maar de ware reden bleef geheim, alleen werd er gezegd dat het een speciale missie betrof.
Na de basistraining werden er 29 overgeplaatst voor een vervolg.
Voor vele van deze jongens was het uniek, want voor het eerst waren ze buiten hun eigen gebied.
In een totale afzondering werden deze jongens getraind.
Het was namelijk van levensbelang dat deze codetraining geheim bleef!

Zo moesten er 4 korte punten gehandhaafd worden.

1)       Een alfabet opzetten

2)       Accurate woordenkennis / keus

3)       Korte termen voor snelle verzending

4)       Alles in het geheugen opslaan 

Eind juni 1942, waren de eerst rekruten geslaagd, en werden uitgezonden naar hun missie, namelijk de strijd in de Pacific.
In de Tweede Wereldoorlog namen er ongeveer 25.000 indianen deel aan de strijd.
24.000 werkten er in de oorlogsindustrie, waarvan ongeveer 12.000 vrouwen.

In 1944 werden er ook indianen ingezet voor de bevrijding van Europa.
Door het uitlekken van een bericht ontstond er een enorme rel in 1943. Een uitgever van “Arizona Highways” had toch een bericht in handen gekregen, en deze vervolgens gepubliceerd.
Diverse indianen uit Canada en de Amerikaanse Oost-staten, hadden in de periode 1944-1945, deelgenomen aan de strijd in Europa.
Hier is weinig over bekend, en door de strikte geheimhouding van deze indiaanse codes, is er geen registratie in de Europese archieven te vinden.

Toch bereikten de indianen, meestal alszijnde ondersteuning van de blanke eenheden, Eindhoven en Nijmegen, en in 1945 onder Canadees bevel Apeldoorn.

Op 23 februari 1945 veroverden Amerikaanse mariniers, waaronder ook indianen, Iwo Jima.
De vlag werd gepland op de berg “Suribachi” oftewel “Hill 165” , en het bericht werd geseind in indiaanse code naar het commando schip USS Eldorado.
Het moment dat de vlag geplaatst werd, is op foto vastgelegd.
Helaas was er op dat moment een granaatinslag, waarbij de camera vernietigd werd.
Later werd het moment nagespeeld en zo ontstond er de beroemde foto.

Op 1 april 1945, 1 e Paasdag, bereikten de geallieerden Okinawa, en na een hevige strijd, was ook dit eiland op 22 juni 1945 veroverd op de Japanners.

Ook in latere oorlogen, namen er weer vele indianen mee aan de Amerikaanse strijd.  

1) Korea oorlog 1950-1953 10.000-15.000 man

2) Vietnam oorlog 1961-1975 42.500 man

3) Golfoorlog 1990-1991 3000 man 

Pas in 1992-1993, werden officieel de codes bekend gemaakt.
Het militaire systeem was dan zodanig veranderd en gemoderniseerd, dat deze methode van “codetalking” achterhaald was, en dus niet meer van toepassing was.

 

 

 


Copyright tekst: Toine de Jongh.